De eerste kraak - Na de Tweede Wereldoorlog kende Nederland grote woningnood. Tijdens de oorlog waren veel huizen beschadigd of verwoest en de bouw van nieuwe woningen lag stil. Daarnaast zorgde de babyboom voor een groeiende bevolking. De regering deed er alles aan om dit probleem te verhelpen en bouwde in relatief korte tijd 1,5 miljoen nieuwe woningen. Dit was echter niet genoeg. Eind jaren zestig was de woningnood nog steeds niet verholpen. Zo waren er in Amsterdam 15.000 woningzoekenden, mensen jonger dan 27 niet meegerekend. Gezinnen stonden vaak jaren op een wachtlijst voordat ze een woning aangeboden kregen en moesten tot die tijd bij hun ouders blijven wonen. En als ze dan eindelijk woonruimte hadden, was dit dikwijls niet meer dan één kamer en moesten de voorzieningen gedeeld worden met vreemden.
Ondanks de woningnood stonden er door heel Nederland veel panden leeg. In 1969 liep dit op tot enkele miljoenen vierkante meters. Op dat moment stonden er mensen op die dit niet langer accepteerden en begonnen met het ontwikkelen van kraken zoals we dat vandaag de dag nog kennen. Het vernieuwende van hun tactiek lag niet zozeer in het feit dat ze illegaal een woning betrokken, dat gebeurde eerder ook al. Reeds vanaf het begin van de twintigste eeuw waren er mensen die bij gebrek aan beter stiekem in een leegstand pand gingen wonen. In 1914 ontstond er zelfs een wet om deze mensen enigszins te beschermen. Deze wet tegen huisvredebreuk verbood het om iemand een huis uit te zetten als diegene er al een tafel, stoel en bed had neergezet.
Met de oprichting van Woningburo De Kraker (‘doet het steeds vaker’) in 1968 in Amsterdam ontstond er een fundamenteel verschil tussen kraken van dit clandestien bezetten. Allereerst gebeurde het niet meer stiekem, maar werden huizen op klaarlichte dag opengebroken. Het ging niet langer enkel om het verkrijgen van woonruimte, kraken werd een protestactie. Naast het gebrek aan woningen protesteerden de krakers tegen de corruptie van makelaars en woningbouwverenigingen en tegen het stedenbouwkundige beleid van de gemeente. Amsterdam moest een mengeling blijven van wonen, werken en recreëren. Projecten zoals de Bijlmer, die vooral op wonen gericht waren, moesten bestreden worden.
Op 28 februari 1969 bezetten leden van De Kraker vijf leegstaande panden aan de Amsterdamse Wijttenbachstraat. Deze eerste succesvolle collectieve kraak kreeg veel media-aandacht. De krakers zochten de media bewust op en hadden hiermee een duidelijk doel voor ogen: mensen aanzetten om te gaan kraken. Na een radio uitzending ontving Woningburo de Kraker honderden brieven van mensen die dringend een woning nodig hadden en besloot naar aanleiding daarvan een kraakhandleiding te publiceren, zodat mensen zelf met een koevoet aan de slag konden.
De Wijttenbachstraat-kraak duurde uiteindelijk bijna acht maanden en zorgde voor meer bekendheid van en begrip voor het kraken. Naast de introductie van de term ‘kraker’ in de Nederlandse taal, verspreidden de leden van De Kraker juridische kennis die voor latere krakers van groot belang is geweest.
Literatuur
Eric Duivenvoorden. Een Voet Tussen de Deur. Geschiedenis van de Kraakbeweging (1964-1999). Amsterdam: De Arbeiderspers, 2005.
Onderwerp
De eerste kraak
|
|
|
|
Loading...,
Door |
Gepubliceerd: 14 februari, 2012
Bekeken:
459
459
Meest gerelateerde items
Waar informatie beschikbaar voor is
Waar informatie beschikbaar voor is
Mensen
Lokaties & gebouwen
Organisaties & Instellingen
Gebeurtenissen


